Racefiets onderhoud: schema en checklist

Een praktisch onderhoudsschema: wat controleer je voor elke rit, elke maand en elk seizoen?

Met een paar minuten onderhoud per week voorkom je de meeste pech onderweg en dure reparaties. Een nieuwe ketting kost een fractie van een nieuwe cassette en kettingbladen, en remblokjes die op tijd vervangen worden, sparen je remschijven of velgen. Hieronder een praktisch onderhoudsschema: wat je wanneer controleert en waar je meer leest.

Onderhoudsschema voor je racefiets

Wanneer Wat
Voor elke rit Bandenspanning controleren, remmen even testen, wielen goed vast (snelspanners of steekassen)
Na elke rit Banden nalopen op steentjes en glas; na regen de fiets afspoelen en de ketting droogmaken
Elke 200 tot 300 km Ketting schoonmaken en smeren
Elke maand Fiets grondig schoonmaken, kettingslijtage meten, remblokjes controleren, bouten van stuur, stuurpen en zadelpen nalopen
Elke 2.000 tot 3.000 km of elk seizoen Kabels en buitenkabels, stuurlint, lagers (wielen, trapas, balhoofd) controleren; banden vervangen bij slijtage
Eens per jaar Onderhoudsbeurt bij een fietsenmaker, zeker als je veel kilometers maakt

Voor elke rit: de snelle check

  • Bandenspanning: racefietsbanden verliezen sneller lucht dan gewone fietsbanden. Pomp ze voor elke rit op. De juiste spanning hangt af van je gewicht en bandbreedte; reken hem uit met de bandenspanning-calculator.
  • Remmen: knijp beide remmen in en duw de fiets naar voren. De wielen horen direct te blokkeren, zonder dat de remhendel tot het stuur doorschiet.
  • Wielen: controleer of snelspanners of steekassen goed vastzitten.

Ketting: het belangrijkste slijtdeel

De ketting heeft de meeste aandacht nodig. Een schone, gesmeerde ketting schakelt soepel en slijt langzaam; een vieze ketting slijt ook je cassette en kettingbladen. Lees hoe je hem schoonmaakt, smeert en wanneer je hem vervangt.

Remmen

Controleer regelmatig hoeveel remmateriaal er nog op je remblokjes zit. Bij velgremmen hebben de meeste blokjes slijtgroeven: zijn die weg, dan moeten ze vervangen worden. Bij schijfremmen kijk je van boven in de remklauw. Lees meer in remblokjes vervangen.

Banden

Vervang je banden als het loopvlak plat is gesleten, als je sneetjes ziet waar het karkas doorheen komt, of als je ineens veel vaker lek rijdt. De achterband slijt meestal twee keer zo snel als de voorband. Lek onderweg? Lees hoe je een band vervangt.

Bouten en carbon onderdelen

Bouten van stuurpen, stuur en zadelpen kunnen na verloop van tijd losraken. Draai ze na, maar niet te vast: zeker bij carbon onderdelen kun je met te veel kracht schade veroorzaken. Gebruik een momentsleutel en houd het aanhaalmoment aan dat op het onderdeel staat.

Schoonmaken

Een schone fiets slijt minder en op een schone fiets zie je slijtage en schade eerder. Hoe je je fiets wast zonder lagers of remmen te beschadigen, lees je in racefiets schoonmaken.

Wat heb je nodig voor basisonderhoud?

  • Een staande pomp met drukmeter
  • Een set inbussleutels, liefst met momentsleutel
  • Kettingborstel, ontvetter en kettingsmeermiddel
  • Een kettingmeter
  • Bandenlichters en een reservebinnenband

Wanneer naar de fietsenmaker?

Basisonderhoud doe je prima zelf. Ga naar een fietsenmaker als je remmen sponzig aanvoelen (hydraulische schijfremmen moeten soms ontlucht worden), als je fiets blijft kraken, als schakelen niet meer goed af te stellen is, of na een val met een carbon frame. Een jaarlijkse beurt is verstandig als je veel kilometers maakt.